Politiek verantwoordelijk

“De Grondwet van 1848 ging verder dan alleen maar de samenwerking tussen de Koning en het Parlement. Welke ingrijpende gevolgen dit had voor het regeringsstelsel werd ook op dit punt later pas duidelijk. Voor die duidelijkheid waren enkele botsingen tussen de regering en het parlement nodig. Deze vonden plaats in de periode tussen 1866 en 1868 (Van der Pot en Donner, 1995:108-110). Een eerste botsing betrof de benoeming van de minister van Koloniën tot gouverneur-generaal van Nederlands-Indië.” – Staatkunde, Nederland in drievoud

In Staatkunde, Nederland in drievoud maken De Jong en Schuszler de grondslagen van de moderne staat bekend. Zij concentreren zich daarbij op de relatie tussen de staat en het recht.

Na een eerste schrijven d.d. 16 oktober 2015 aan Zijne Majesteit met betrekking tot ‘De Verwaarloosde Staat’ kwam aan het licht dat er vanuit de zijde van de ministeries niet direct een verbetering zou komen. Aan het licht is gekomen dat wij te maken hebben met luie interventies, vastgeroeste systemen, gebrek aan noodzakelijke kennis en ook worden (dis)functionerende patronen kenbaar.

Nemen wij bijvoorbeeld de persoon Rob Jetten (D66) dan komt uit zijn geroep tot uiting dat hij en totaal geen kennis heeft van ‘het stelsel van de Grondwet’ en welke ‘de relatie tussen de staat en het recht’ is. Al heeft hij bestuurskunde geleerd, ook hem is klaarblijkelijk ontgaan dat de staatsbeoefenaar kennis dient te hebben van het bestaan en de inhoud van de ongeschreven regels van het staatsrecht. Zo’n ongeschreven regel is immers van een hogere orde en kan een zelfs regel in de Grondwet opzij zetten.

Een complicerende factor is bovendien dat er in het staatsrecht niet eerst een bepaalde gewoonte hoeft te bestaan, alvorens uit de praktijk een bepaalde rechtsregel mag worden afgeleid. Anders dan in het privaatrecht kan de rechtsovertuiging veranderen op grond van één concrete gebeurtenis, en dat komt omdat niet het gedrag van vele burgers de praktijk vestigt, maar de betrokken overheidsorganen zelf door hun handelen en de daaraan ten grondslag liggende rechtsovertuiging die de ongeschreven rechtsregel tot stand laten komen.

E.e.a. houdt dus in dat de maatregelen die de wetgever neemt Grondwet en (behoorlijk) bestuur kunnen ondermijnen.

Uit eigen onderzoek – waarbij essentiële vraagstukken zelfstandig zijn geanalyseerd in de relatie tussen staat en samenleving – komt tot uiting dat Hare Koninklijke Hoogheid Prinses Beatrix ten tijde dat zij Vorstin was, mij en andere onderdanen getrouw was en ook trouw was aan de wet (Koninklijk besluit) die zij zelf heeft gemaakt. Dit is mij bekend geworden in 1991, tijdens een briefwisseling.

Kunnen de ministers, kan de wetgever, uit die tijd ook de toets der kritiek doorstaan? Het antwoord is in het kort: NEE!

Niet alleen zijn er fouten gemaakt, ook is sprake van misbruik en oneigenlijk gebruik. En in geval een overheid of een functionaris daarvan zijn macht misbruikt, is per definitie geen sprake van een rechtsstaat, maar van een gebrek daaraan. En in geval de onafhankelijke rechter ontbreekt – hij is niet in staat onafhankelijk vast te stellen wat het geldend recht is – is er geen sprake van een rechtsstaat.

Kennis van de grondslagen als ‘deze regels’ is essentieel om vast te kunnen stellen welke elementen/instrumenten/organen (dis)functioneren. De overheid dient op grond van artikel 3:2 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) dan ook de nodige kennis te vergaren omtrent de relevante feiten en de af te wegen belangen.

Rob Jetten heeft dan net als Sander van der Heijden (1977) zijn studie Bestuurskunde aan de Radboud Universiteit in Nijmegen gevolgd. De heer van der Heijden heeft vervolgens voor het ministerie van Justitie gewerkt. Sinds 2004 is hij in de onderwijswereld werkzaam en vervult hij verschillende functies bij het tot stand brengen van samenwerking tussen verschillende partners met een maatschappelijke doelstelling. Sinds 2007 is hij werkzaam voor M&O-groep in ’s-Hertogenbosch.

Al op 10 november 2018 heb met drs. Sander Dekker, minister van rechtsbescherming, deze (uitgebreidere) ‘loopbaancarrière’ van Sander van der Heijden voorgelegd en hem gevraagd welke betekenis dit heeft m.b.t. de relatie tussen de staat en het recht. Hoe is het gesteld met de relatie tussen staat en samenleving? Hoe is het gesteld met het onderwijs? Tot op heden, geen reactie. – EU-recht_EB-LS_10.11.2018

‘Nadat hij zijn studie bestuurskunde in 1999 afrondde, werkte Dekker aan de Universiteit Leiden op het gebied van politie en justitie.’

Het studieboek Staatkunde, Nederland in drievoud is een product van de Universiteit Twente (tweede druk, 2002). Een ander studieboek uit die periode die ik als naslagwerk gebruik is ‘Inleiding tot het staatsrecht en het bestuursrecht’ van Prof.mr. J.M. de Meij en Prof.mr. I.C. van der Vlies (achtste druk, 2000). Prof.mr. I.C. van der Vlies is (destijds) werkzaam aan de Universiteit van Amsterdam.
In deze ‘Inleiding’ wordt opgemerkt dat het niet aantrekkelijk is om te beginnen met de grondrechten, omdat daarbij allerlei juridische begrippen aan de orde komen waarvan de lezer die met dit vak begint nog niet op de hoogte is, zoals de verhouding tussen de wet en lagere regelingen alsmede die tussen verdragen en nationaal recht. Met de opzet van dit boek heeft de schrijver ernaar gestreefd, ‘opdat meer inzicht in de samenhang van de verschillende aspecten verkregen wordt’.

Ik merk op dat Dekker nationaal recht heeft gestudeerd en m.i. was dit al gedateerd. Immers, met het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU) dat dateert uit 1992 heeft Nederland de taak en verantwoording om de ontwikkelingen binnen de Unie te toetsen om de kwaliteit van de democratische rechtsstaat Nederland te onderhouden. In ‘de’ Inleiding van De Meij en Van der Vlies wordt aangaande het bestuursrecht het volgende opgemerkt:

“Ook bij de bronnen van het bestuursrecht kan men onderscheiden tussen ongeschreven en geschreven recht. Tot voor kort lag daarbij de nadruk op het ongeschreven recht. De Grondwet, die de kern vormt van het geschreven staatsrecht, bevat vrijwel geen bepalingen die als van typisch bestuursrechtelijke aard zijn aan te merken. Van belang is wel het pas in 1983 opgenomen art. 107 lid 2 Gw.: ‘De wet stelt algemene regels van het bestuursrecht vast’. Na diverse studies heeft dit geleid tot de indiening in 1989 van een voorstel voor (een eerste gedeelte van) een Algemene wet bestuursrecht (Awb). Gezien de omvang het ingrijpende karakter van dit wetboek van het bestuursrecht zal het in gedeelten worden afgehandeld en ingevoerd (zgn. aanbouwwetgeving). Inmiddels zijn de eerste drie gedeelten (meestal aangeduid met ‘tranches’) in werking getreden.”

Inleiding tot het Staatsrecht en het BESTUURSRECHT (achtste druk, 2000)

Terwijl Nederland in 1992 vrijwillig een samenwerkingsverband is aangegaan met verschillende Europese Lid-staten om als rechtsgemeenschap gemeenschappelijke waarden te delen, is zij m.i. op de oude weg voortgegaan en heeft het Beginsel van Loyaliteit (Unietrouw) van meet af niet nagekomen. Sterker, de Grondwet uit 1983 welke drastisch is gewijzigd met als doel dat de overheid dusdanig optreedt dat sociaal gerechtigheid heerst, is nooit door de overheid in die mate onderhouden en nagekomen.

Unietrouw of Beginsel van Loyaliteit:

  • Het beginsel van loyaliteit (ook wel unietrouw) houdt in, op grond van art. 4 lid 3 VEU, dat lidstaten de verplichtingen van het Europees recht moeten nakomen en geen maatregelen mogen nemen die de verwezenlijking van de doelstellingen van het EU-Verdrag in gevaar kunnen brengen.
  • Decentrale overheden hebben ook een eigen rechtsplicht om het Europees recht loyaal na te komen. Als Europese regels duidelijk en onvoorwaardelijk zijn, en dus volgens het Hof van Justitie rechtstreekse werking hebben, geldt het ook voor decentrale overheden om de naleving van Europese verplichtingen te waarborgen.
  • Het beginsel van loyaliteit komt bijvoorbeeld bij decentrale overheden aan bod in geval van dat de centrale overheid tekortschiet bij het omzetten van richtlijnen.

Binnen het Europees recht speelt behalve de wet- en regelgeving ook een groot aantal beginselen een belangrijke rol. Decentrale overheden kunnen met een aantal van deze beginselen direct te maken krijgen. Waarbij Nederland die regeling (recht) kent dat de wet buiten toepassing gelaten kan worden in geval de bepaling (gemeenschapsregeling) die uit internationaal recht voortkomt in het geding is. In de praktijk blijkt dat Nederland in ernstige mate in gebreke blijft wanneer het gaat over het beginsel van effectieve rechtsbescherming.

Verder heeft de burger volgens artikel 6 VEU het recht op behoorlijk bestuur. Maar is de wetgever wel bekwaam? Is de volksvertegenwoordiger wel bekwaam? Zijn de decentrale overheden wel bekwaam? Kan Nederland weerstand bieden aan invloeden van buiten welke de kwaliteit van de democratische rechtsstaat Nederland aantasten en de soevereiniteit in gevaar brengen?

Ik constateer dat Rob Jetten bijvoorbeeld niet op eigen benen wil staan en geen waarde hecht aan de soevereiniteit of het recht op zelfbeschikking. Ik kan dit dan ook niet rijmen met de uitbreiding van artikel 1 Grondwet waar Vera Bergkamp (D66) bijvoorbeeld voorstander van is. Hoe kan een partij of Koninkrijk dat tegen zichzelf verdeeld is, bestaan? Dat heeft toch geen bestaansrecht meer?

Binnen D66 wordt dan ook heel duidelijk hoe het Koninkrijk tegen zichzelf verdeeld is. Heeft dit in de negentiende eeuw – ook vanwege een belastingdruk – geleidt tot een scheuring waaruit het Koninkrijk van België is voortgekomen, eerder – Het conflict tussen de Hoeken en Kabeljauwen; een strijd tussen verschillende facties binnen de elite van het graafschap Holland – heeft dit ook tot een armoedeval in Rotterdam tot gevolg gehad.

Klaarblijkelijk is er niets geleerd, uit de eigen geschiedenis!

Zo zijn er autoriteiten gekozen, die zelf de les nog moeten leren. De minister-president maakt m.i. geen aanstalten en de vraag is of er een leider is, die wel opstaat! Van Rob Jetten, Jesse Klaver en andere ‘Rebelse Leerlingen’, heb ik geen verwachting. Ook de SP laat m.i. na de rechtsstaat te onderhouden en te versterken en profileert zich als een rebellenbeweging. Dit leidt tot niets goeds!

Hoogachtend, ~ Sheepish (Looking) LION

Facebooktwitterredditpinterestlinkedinmail

Steekhoudend Ministerschap

Opdracht aan de Tweede Kamer der Staten Generaal:

“U zou zelf maar midden in zo’n omvangrijk loyaliteitsconflict staan en de bescherming tegen overmatige en willekeurige machtsuitoefening moeten ontberen.”

Geachte lezer,

Ik merk op dat economische delicten zwaarder wegen dan schending van de rechten van de mens? Ik heb nieuws: juist doordat overheden economische en sociale verschillen vergroten wordt voor veel burgers de rechtsvordering bemoeilijkt en is klaarblijkelijk alleen nog voor de allerrijksten mogelijk.

23 Neemt ter ore en hoort mijn stem, merkt op en hoort mijn rede!
24 Ploegt de ploeger den gehelen dag om te zaaien? Opent en egt hij zijn land den gehelen dag?
25 Is het niet alzo? Wanneer hij het bovenste van hetzelve effen gemaakt heeft, dan strooit hij wikken, en spreidt komijn, of hij werpt er van de beste tarwe in, of uitgelezen gerst, of spelt, elk aan zijn plaats.
26 En zijn God onderricht hem van de wijze, Hij leert hem.  – Jesaja 28

Hoe ik het ook wend of keer (vandaar het ploegen), ik kom tot de conclusie dat het werk van de afgelopen jaren onvruchtbaar is geweest (weinig doelmatig en doeltreffend). Een gebrek aan functioneel gedecentraliseerd bestuur, een gemis aan kunde, desastreus beleid en zo meer, in de oudheid zou een koning de ministers mogelijk hebben geëxecuteerd indien zijn aangezicht vergramt zou zijn.

Om aan te geven hoe belangrijk de economie boven mensenlevens gaat voeg ik ook het volgende nieuwsartikel toe: https://mrmondialisation.org/des-tonnes-de-legumes-jetees-dans-la-nature-au-nom-de-la-productivite/. En in Europa maar denken dat de burger het niveau heeft van iemand die met een kluitje in het riet te sturen is? Dit zijn vijandigheden waar het Parlement mee bezig is. Schandalig, misdadig!

1 Dit zijn ook spreuken van Salomo, die de mannen van Hizkia, den koning van Juda, uitgeschreven hebben.
2 Het is Gods eer een zaak te verbergen; maar de eer der koningen een zaak te doorgronden.
3 Aan de hoogte des hemels, en aan de diepte der aarde, en aan het hart der koningen is geen doorgronding.
4 Doe het schuim van het zilver weg, en er zal een vat voor den smelter uitkomen;  – Spreuken 25

Denken de ‘geleerden’ dat zij wijs zijn en het volk dom gehouden kan worden of (nog) onwetend is? De arme is verstandiger. En ik zeg dit tot schande van een aantal bewindslieden. Ik roem niet in deze zaak en aangelegenheden. Na bijna 50 jaar heb ik één verzoek: “Doe de leugen weg van voor mijn aangezicht!” Toon enig respect indien men van mening is Eerwaardig te zijn.

Dames, Heren, geachte lezer, ik stel het op prijs dat de regelgeving en bestuur vanuit het Rijk een wending gaat nemen. Ik meen dat miljoenen burgers dit zullen beamen. Ik leg dit aan de Democraten 66 en de Socialistische Partij voor en spreek de de wens dat zij samenwerken.

Hoogachtend,

Bijlagen: 
Monetair Beleid
Conflictscheiding
Bijlagen Monetair Beleid
Veilige Haven

~Sheepish (Looking) LIONFacebooktwitterredditpinterestlinkedinmail

Identiteit

Lambert Speelman
Pretorialaan 32A-01
3072 EH  Rotterdam

Zijne Majesteit de Koning
Paleis Noordeinde
Postbus 30412
2500 GK  Den Haag

Rotterdam, 28 mei 2018

Kenmerk:                                                                     Betreft:

Tyrannie                                                                     Staat en Recht

Die den arme verdrukt, smaadt deszelfs Maker; maar die zich des nooddruftigen ontfermt, eert Hem.

Majesteit,

Het is 28 mei 2018 en zoals ik anderen heb voorzegd, ik lever mijn paspoort in. In Nederland is het gebruikelijk dat ook in naam van de Koning, de arme en verdrukte oneer wordt aangedaan. Er wordt van de arme gestolen en aan de rijke gegeven. Wat hier hoffelijk aan is, gaat buiten mijn begrip. Ik kan dit gebruik niet waarderen!

Op het paspoort staat ‘Koninkrijk der Nederlanden’, maar welke eer gaat hier vanuit? Ik kan mij niet identificeren met de norm en de pratkijken die liberalen, democraten en christenen al geruime tijd hanteren. Er is niets sociaals of medelevend (gevoelend) aan. Ik zou mijn moeder die mij in haar buik gedragen heeft oneer aandoen, ook mijn dochter schade hebben berokkend, indien ik gehoor zou geven aan de praktijken van hen die zeggen deze bevoegdheid te hebben. Ook zeggen velen dat ik moet ‘luisteren’ hetgeen betekent dat ik aan dezelfde praktijken gehoor zou moeten geven.

Het Nederlanderschap, wat betekent dit? Zoals er vanuit Den Haag geregeerd wordt met gevolg dat de uitvoerende macht berust op kracht, illegaliteit en repressie, praktijken waar veel jongeren door in de problemen komen, ook zieke ouderen door ontheemd raken. De levensoriëntatie van sommige burgers is dusdanig geschaad, (in hun beleving) niet meer te herstellen, dat mede hierdoor de hoogstpersoonlijke keuze van zelfdoding wordt gemaakt.

Vanaf vandaag verblijf ik dan illegaal in een land waarvoor ik hard heb gewerkt, een staat die ik heb gediend, een volk dat ik heb onderhouden, een land ook waar de staatsbeoefenaar van mening is dat het Rijk er voor hem (alleen) is en dat hij/zij daar totale zeggenschap overheeft. Ook de rechter kijkt met minachting naar de burger en denkt minachtend over de koning en zijn zeggenschap.

Ik hoop dat u het begrip heeft!

Hoogachtend,

 

Lambert SpeelmanFacebooktwitterredditpinterestlinkedinmail

Een Republiek

Een unieke regering in Europa

Een republiek is een staat waarvan het staatshoofd niet door erfopvolging wordt aangewezen, maar op een of andere manier wordt verkozen.

Bron: Wikipedia

Wat men nu pleegt aan te duiden met de Nederlandse verzorgingsstaat, ook wel aangeduid met democratische rechtsstaat, is vanaf 1848 niet slechts een constitutionele monarchie, maar vooral ook een parlementaire democratie. In de loop der jaren is er daarnaast een zekere consensus ontstaan over de omgangsregels tussen parlement en regering. In onderlinge samenhang bezien, betekenen deze regels dat krachtens de Nederlandse Grondwet de volksvertegenwoordiging uiteindelijk het laatste woord heeft en niet de monarch of de regering. Hiermee wordt voldaan aan de grondregel van de democratische rechtsstaat dat de volksvertegenwoordiging het hoogste ambt in de staat is en daarmee een wezenlijke rol speelt in de wetgevende macht. – Bron: Staatkunde, Nederland in drievoud

Wat is dan het antwoord op de vraag: “Is het staatshoofd verkozen, of is deze door erfopvolging aangewezen?” Wij hebben nu minister-president Mark Rutte, een verkozen staatshoofd die verantwoordelijk is voor het uitoefenen van het gezag dat over het grondgebied en de bevolking wordt uitgeoefend. Hiervoor zijn enkele omgangsregeling van kracht, geldende normen en waarden die onder andere tot doel hebben dat ‘algemeen erkende klassieke grondrechten (bescherming tegen overheidsingrijpen) en sociale grondrechten (aanspraak maken op overheidsingrijpen) worden beschermd, teneinde de menswaardigheid van iedere individu in de samenleving tot gelding te laten komen. ‘

Wanneer ik mij concentreer op de relatie tussen de staat en het recht, en ik neem een aantal verschillende opvattingen ter hand, dan wordt duidelijk dat in de relatie tussen staat en samenleving aan een groot aantal voorwaarden niet wordt voldaan. Ook het ministerie van Veiligheid en Justitie laat na de rechtsstaat te onderhouden en daarmee is van een democratie nog nauwelijks sprake. Wie hebben de macht, of “Wie heeft de macht?” Degene aan wie de bevolking het geeft. In veel gevallen ook Justitie.
“Wordt er nog gezag uitgeoefend volgens de (huidige) omgangsregels. Uit een eenjarige studie mag blijken dat dit niet het geval is. Het gezag zoals vastgelegd is wordt niet uitgeoefend, niet zoals is bedoeld.

Is er gebrek aan politieke stabiliteit? Iedere vier jaar maken wij dan ook kans op een ‘dictatuur van de meerderheid’ die ons de wet voorschrijft, maar zelf alle regels aan de laars lapt!
Sterker, zo haal ik uit het volgende bericht: “In Hongarije is sprake van een systematische bedreiging van de democratie, de rechtsstaat en fundamentele vrijheden. Dat concludeert de Hongarije-rapporteur van het Europees Parlement, Judith Sargentini, van GroenLinks na een klein jaar onderzoek.”
“EP-rapporteur wil hardste aanpak Hongarije” zo lees ik in een artikel op https://panorama.nl/nieuws/politiek/. Mevrouw was werkzaam binnen niet-gouvernementele organisaties op het gebied van internationale samenwerking. Wat zijn de gevolgen van ‘een zichzelf versterkende ontwikkeling’ als men niet volwassen in het verstand is. Sommige hebben de ontwikkelingen van een 17 jarige die nog pubert. Laat ma Sargentini eerst zoon Rutte even tot de orde roepen …  Zij is bestuurslid? Welke koers zet zij in de huidige politieke situatie, de weg van de vrede? Zoon Mark is zeker het braafste kindje van de Europese klas?

Jezelf Ontwikkelen: reflecteren en zelfreflectie

Nederland kijkt dus wel kritisch naar de buitenwereld, maar het eigen aangezicht bemerkt zij niet? Of is er hier sprake van moedwillige en bewuste nalatigheid? Ik denk dat wanneer ik naar de feiten en gebeurtenissen van de afgelopen 4 tot 8 jaar kijk, dan is dit laatste zeker het geval bij een aantal partijleiders. De overige zijn merendeels niet in staat de essentiële vraagstukken te analyseren in de relatie tussen de staat en samenleving, laat staan dat zij in staat zijn de huidige nationale en internationale situatie volkomen te begrijpen.
Niet alleen in Hongarije maar ook in Nederland en andere delen van Europa is sprake van een systematische bedreiging van de democratie, de rechtsstaat en fundamentele vrijheden! Laat Nederland (eerst en) vooral zijn eigen Huis eervol (menswaardig) op orde stellen en in orde maken – een Koninkrijk waardig.

Is de Nederlanden niet een eeuwenoude Republiek die telkenmale anders aangekleed en ingekleurd wordt? Momenteel dansen de muizen omdat de kat gevangen zit?
Wat heeft een verkozen volksvertegenwoordiging zoals deze nu is, in staat van ontbinding doordat de rotte appels niet verwijderd worden, inhoudelijk nog te bieden anders dan verderfelijkheid?

Wat kan in deze dan het belang zijn van een Monarch? Kan dit iets van betekenis zijn als het gaat om de relatie tussen staat en samenleving om toezicht te houden op de omgangsregels en handhaving hiervan?
Als proces-instrumentariër is mij duidelijk dat een regelorgaan alleen dan werkt wanneer alle onderdelen ongehinderd kunnen functioneren. De moderne staat is echter een gecompliceerd(er) organisme, waarvan het minder eenvoudig is een (volledige) voorstelling van te maken.

Den-Haag vandaag: Een stel dementerende ouderen en puberende tieners? De ontwikkelingen zijn mede het gevolg van een ongebreideld nastreven van eigen belang door de diverse actoren. Een vereniging van eigen-belang, niet loyaal aan organisatie, Grondwet en bestuur ondermijnend.

Veel van de gekozenen volksvertegenwoordigers vertonen op relevante terreinen een cognitief tekort en hebben moeite om volledig te functioneren – onvoldoende basis aanleg. Die het gezien de leeftijd en de levenservaring(en) zouden moeten kunnen doen geen moeite en zijn onverantwoord bezig.
De constante onverantwoordelijkheid, het roekeloze gedrag en het vaak ontbreken van spijtgevoelens brengt ook veel problemen voor de omgeving en de maatschappij met zich mee. Een aantal ministers dan wel partijleiders hebben dit zeker op hun geweten. Is hier ook sprake van een antisociale-persoonlijkheidsstoornis?  Het is zeker van invloed op de organisatiecultuur, de relatie tussen staat en samenleving, maar heeft ook effect op de internationale relaties dan wel Koninkrijksrelaties.

In Spreuken 31 wordt een Koning geïnstrueerd zich behoedzaam te gedragen: “Geeft aan de vrouwen uw vermogen niet, noch uw wegen, om koningen te verdelgen.” Mag dit ook voor een Koningin gelden? Ik deel een opvatting en laat de lezer zelfstandig de essentiële vraagstukken analyseren!

Mij is duidelijk dat velen geen inhoudelijke dan wel feitelijke kennis bezitten. Maak het je eigen machtig alvorens ijdele woorden dan wel loze kreten te uiten. Bvd!

Hoogachtend, ~Sheepish (Looking) LIONFacebooktwitterredditpinterestlinkedinmail

Den Haag Vandaag

“In het onderwijs nemen de verschillen tussen kinderen van arme en rijke ouders steeds verder toe, onder meer door de ouderbijdrage. Daarom schrijven @Lisawesterveld en ik (@peterkwint) een wet om uitsluiting hierdoor te verbieden.”

Bovenstaand citaat is afkomstig van Peter Kwint, GroenLinks.

Hoe is zoiets onbegrijpelijks te verklaren opdat het te begrijpen is?

Uit eerdere studie is gebleken dat fundamentele problemen niet (meer) opgelost worden. – Bron: Staatkunde, Nederland in drievoud. Maar dit is niet het enige. Ook nu na de gemeenteraadsverkiezingen is op het ‘laagste’ ambtelijke niveau bevonden dat “deze situatie is – direct en indirect – volledig ontstaan door slechte besluitvormen en desastreus leiderschap op nationaal niveau.”
Het studieboek Staatkunde, Nederland in drievoud vermeld dat een deel van de ontwikkelingen is ontstaan ten gevolge van een ongebreideld nastreven van eigenbelang van de actoren. Ik ben in de loop van een aantal jaren gaan ingezien dat veel mensen de gevolgen of uitkomsten voor probleem houden dat bestreden moet worden. De oorzaak of wortel van het probleem wordt doorgaans niet opgemerkt en wordt veelal ongemoeid gelaten. In mijn vele beroepen als storingsmonteur heb ik dit gedrag vaak genoeg zien dat het mij niet meer vreemd is, ook niet meer verrast.

Goed, ik neem Lisa en Peter nu ter hand, die de uitkomsten van eerdere maatregelen willen verbieden! Ja, zo zie ik dit. Het verrast hun mogelijk want zo hadden zij het (mogelijk) niet gezien.
Processen die niet gestopt worden hebben uitkomsten die je kunt verleggen, maar die je niet anders kunt beëindigen dan dat er iets aan het proces wordt veranderd.
In de afgelopen jaren is er veel verlegd ook onderdrukt maar ook verhuld en het duikt ongetwijfeld elders weer op. Je kan het niet ongedaan krijgen! En zolang de wortels groeien en sterker worden (een zichzelf versterkende ontwikkeling) wordt het fundamentele probleem alleen maar groter en is dan ook moeilijk(er) te keren.

Het is begrijpelijk dat Lisa en  Peter net als vele andere staatsburgers  iets aan de huidige ontwikkelingen willen doen (verandering), ook enthousiast zijn en de verwachting hebben dat het ten goede keert! Waar het op deze weg echter heengaat, is niet wat verwacht werd, ook niet hetgeen tot doel is gesteld (of moet ik zeggen: Ons als doel is voorgehouden!) Maar hoe gaan wij ditmaal de doelen dan verwezenlijken of althans zo goed en kwaad als het gaat benaderen? Grondwet en bestuur zijn in voorgaande jaren zo tegen het einde van de vorige eeuw (verder) ondermijnd. Ook maatregelen die door het ministerie van Veiligheid en Justitie zijn genomen zijn hierop van invloed, hebben de ontwikkelingen versterkt (‘economisch’ verdienmodel): met het ondergraven van de rechtsstaat is ook de de kwaliteit van de democratische rechtsstaat aangetast en is de democratie ondermijnd (aan het wankelen gebracht).
Het komt mogelijk ook mede tot stand door druk van buitenaf waaronder de druk vanuit Europa, maar het blijft de beslissing van de Nederlandse regering soms ook aangemoedigd door een merendeel uit de bevolking (invloed van binnenuit).

In het studieboek Staatkunde, Nederland in drievoud concentreren De Jong en Schuszler zich op de relatie tussen de staat en het recht. Verschillende opvattingen worden gepresenteerd die de lezer in staat moeten stellen zelfstandig de essentiële vraagstukken te analyseren in de relatie tussen staat en samenleving.

Er is echter één ander aspect dat ik wil benoemen en dit is ‘Leiderschap binnen het partijbestuur‘. In dit verband breng ik het begrip Zelfkennis naar voren. Ook in de geschiedenis hebben koningen en andere prominente leiders gefaald vanwege onder andere een cognitief tekort en een gebrek aan zelfkennis. Dit komt mede doordat men de confrontatie met anderen niet alleen uitstelt, maar uiteindelijk ook afstelt (en dan is het te laat). Men laat in dit soort gevallen na begrip op te brengen voor de ander. Je hoeft het niet noodzakelijk eens te zijn, maar een tekort aan inlevingsvermogen, is zeker een gemis als het gaat om de maatschappelijke zorg- en dienstverlening. Bij zelfkennis is het dus van belang: “Hoe kritisch ben ik naar mijzelf?” ‘Durf ik’ mijzelf onder de loep te nemen? Kan ik met stevige kritiek overweg en leiderschap (nog) aan?

Leider of Dictator? Schrijft iemand de wet voor of dient men de organisatie door een (goed) voorbeeld te zijn?

‘Oudjes’ zijn soms afgestompt, van hun hoeft het ook niet meer zo noodzakelijk. De pit is eruit … Jongeren zijn daarom op zoek naar nieuw leiderschap. Wat ik persoonlijk van belang vindt is dat een leider het team in kracht zet en zichzelf overbodig maakt (ook onzichtbaar is)! In het basisonderwijs dient hiertoe een eerste aanleg te worden geboden, toch is het onderwijsstelsel in 1968 dusdanig gewijzigd dat bepaalde kwaliteiten niet (meer) zo sterk zijn ontwikkelt. Leeftijdsgenoten in andere delen van Nederland of daarbuiten bezitten deze kwaliteiten wel of in betere mate. Ook dit is van belang voor de toekomst van Nederland als staat.

Ik kan alleen hopen dat onze politieke leiders anders gaan kijken en gaan inzien dat het anders aangepakt moet worden dan naar het voorbeeld dat in de afgelopen jaren is nagevolgd.

Hoogachtend, ~Sheepish (Looking) LIONFacebooktwitterredditpinterestlinkedinmail