De ‘Mini-Rechtsstaat’

De complexere rol van Jeugdbeschermer of Ouder die moet optreden als staatsbeoefenaar om sociale vraagstukken daadwerkelijk aan te kunnen pakken, op een manier dat doelmatig en doeltreffend is.

Kwaliteitsbeleid in de Wmo is een Gedragscode waar gemeenten, dienstverleners en burgers zich aan te houden hebben. Hierin vinden zij hun legitimatie, ter bescherming van de rechten en belangen van de burgers. Het is een “mini-rechtsstaat” en behelst “functionele democratie.” 

De “mini-rechtsstaat” is een maatschappelijke organisatie waarin de heerschappij van het recht wordt erkend. Teneinde de noodzakelijke voorwaarden te scheppen voor de volledige ontplooiing van al haar leden, als fundamentele maatschappelijke eenheid, verbinden de Partijen zich de economische, wettelijke en sociale bescherming van alle leden van de organisatie te bevorderen.

Dit betekent dat niemand zich aan het recht kan onttrekken, ook de niet-gouvernementele organisatie niet. De bedoeling hiervan is dat in het maatschappelijk verkeer – in de samenleving – onderling vertrouwen mogelijk wordt. Kern van het recht is dan het bestaan van algemeen verbindende regels, op basis waarvan een ieder gelijk wordt behandeld en individuele vrijheid wordt gegarandeerd. Door algemene (rechts-) regels vast te stellen wordt voorkomen dat burgers afhankelijk worden van willekeur.

Toezicht op uitvoering van de Wmo-taken en op naleving van de afspraken die gemaakt zijn over de te leveren kwaliteit zijn bijvoorbeeld te vinden in Artikel 6.1 van de Wmo: Gemeenten beleggen dit bijvoorbeeld bij de GGD, die hiervoor inspecteurs aanstelt. Het is daarbij de uitdaging toezicht in de Wmo anders te benaderen dan toezicht in de gezondheidszorg. Het is weinig zinvol om je bij de Wmo alleen op de wetten, regels, procedures, standaarden etc. te richten. Zeker wanneer dat er toe zou leiden dat het zeer uitgebreide regelsysteem van de gezondheidszorg op de Wmo-wereld wordt geplakt.

Zou het (vanuit de rechtsstaatgedachte) mogelijk zijn die wezenlijk andere manier van kijken en denken en handelen ook in de toezichthoudende taken te introduceren?

Gezagsdragers en niet-gouvernementele organisaties zijn dus samen verantwoordelijk voor de kwaliteit van de ondersteuning die zij bieden. Zij hebben de zaken zo te organiseren – onderling af te stemmen – dat het leveren van kwaliteit mogelijk is, bijvoorbeeld door geschikt personeel met de juiste opleiding, ervaring en ontwikkelmogelijkheden. 
Dit moet burgers, jongeren en ouderen, inspireren de rechtsstaat te bewaken en zorg te dragen voor een functionele democratie.
“Vroeger” ging dat kennelijk vanzelf of was het vanzelfsprekend, maar al in 2005 was duidelijk dat sprake was van verlaging van kwaliteit van organisatie leven hetgeen afleidt van (collectief vastgestelde) doelen. De (zorg)standaard is onvoldoende of niet hoog gehouden!

De Teamleider is en blijft tegendraads en in bestuurs- en directiekamers wordt het niet begrepen. Sterker, daar ontbreekt common sense en willen ‘ze’ het niet begrijpen, dat verlaging van kwaliteit van organisatieleven heeft plaatsgevonden. Zij willen ook niet (daadwerkelijk) die zorg dragen, in overeenstemming met de op de beroepskracht berustende verantwoording, in overeenstemming met de professionele standaard.
Wel nemen zij, met de accountmanager, gemeentelijke gelden en/of overheidssubsidie aan, pretendeert de voorwerp van zorg – een taak van de overheid – op zich te nemen, maar doet dat dan niet daadwerkelijk. De nieuwe ‘eigenaar’ geeft aan ook “Zoiets” door de gemeente of het Rijk te laten sponsoren. Een neerwaartse spiraal dus, voor mens en organisatie.

Medewerkers Sociaal Domein

Dus is de vraag: heeft een officier de complexe rol van een accountmanager of de professionele kwaliteiten van een keymanager? In 2010 ben ik voor het laats een psychologisch onderzoek ondergaan die ook de brandweercommandant en politiecommandant, crisismanager of – beheerser, ondergaat (met succes). Zelfkennis, het vermogen om de eigen denkwijze, de mogelijkheden en de onmogelijkheden van de eigen geest en van het eigen lichaam te kunnen inschatten en daar rationele conclusies uit te trekken, is ‘key’. Zeker bij lastige aanbieders, die tegendraads zijn!

Een bezoek aan de huisarts, omdat de gezinssituatie daarom vraagt evenals de werksituatie en maatschappelijke vraagstukken, brengt in kaart dat er (dreigend) gevaar is van aanpassingsstoornis (incl. overspanning en burn-out met symptomen van bipolariteit). Ik weet dus dat 9 op 10 psychiaters, die qua cognitieve vaardigheden tekortschieten, geen juiste diagnose zullen stellen. Wel leidt dit tot “gefixeerde frames” of “publieke stigma’s”, hetgeen groepsgedrag en groepsprocessen verklaart. Velen baseren hun overtuiging op basis van de superieure mening van een ‘goeroe’ en zullen beleid en handelen daar op afstemmen. 

Duidelijk is dat ook rechters de grondregel niet noodzakelijk of vanzelfsprekend zullen beschermen en dus is er (dreigend) gevaar van “situaties waarin rechtsstatelijke waarborgen in de knel komen.”
“Kwakzalvers,” gesuikerde advocaten die de leiding hebben – lees: macht – bemoeilijken, frustreren of hinderen een eerlijk proces. Dat alles, afgestemd op een terdege geanalyseerde en in deeltaken en -tijden gesplitste opdracht, “verschaft de bataljonscommandant – lees: staatsbeoefenaar – een zekere speelruimte waarbinnen hij de verschillende wijzen van optreden tegen elkaar kan afwegen.” Zo complex is de rol van ‘Jeugdbeschermer’.

Verlaging van kwaliteit van organisatieleven, van democratie en rechtsstaat, leidt nationaal en internationaal tot riskante spanningsvelden. Door nationaal oplossingen te bedenken en te vinden is Nederland in staat ook op internationaal terrein te werken aan bevordering of versterking van de rechtsstaat. Vertrouwen tussen de Lid-staten in de werking van elkaars rechtsstaat is essentieel voor het functioneren van onder andere de ruimte van vrijheid, veiligheid en recht, de interne markt en de Economische en Monetaire Unie.
Dit rechtvaardigt het Ondersteuningsplan waarin is aangegeven dat ook op gemeentelijke niveau beleid en handelen van de staat wordt onderzocht om te helpen beleidsvorming op nationaal en internationaal terrein te bevorderen, goede voorbeelden na te leven en vastgestelde normen en beginselen na te leven.

“Zorg voor de rechtsstaat kan beter beginnen voordat inbreuk wordt gemaakt op fundamentele normen en beginselen.”

Van gezaghebbende professionele experts mag worden verwacht dat zij de situatie op haar merites beoordelen. Als onafhankelijke experts het rapport schrijven, komt de oordeelsvorming los te staan van eventuele gevolgen van een negatief oordeel.
Doordat implementatie van Quality Assurance (QA) en Quality Control (QC) op weerstand of verzet zal stuiten is het risico op PSA en/of aanpassingsstoornis zeer hoog. De ‘legal agent’ is zelf verantwoordelijk voor zijn geestelijke en fysieke gezondheid, ook het sociaal welzijn (of isolement – lees: inner or deep solitude). Vanwege de complexere rol vraagt dit ruimte (tijd en omgeving) voor bezinning, en privacy. De ‘verloofde’ gunt dat; maar de Teamleider niet. De Teamleider streeft persoonlijke macht na en zoekt gelegenheid op basis waarvan hij tot wederrechtelijke vrijheidsberoving kan overgaan, in geval repressief ingrijpen niet (meer) voldoende is. Niet alleen de burger of cliënt loopt gevaar, ook de twee jongere kinderen van de vrouw (beroepskracht).

Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat “kwakzalvers” of “gesuikerde talenten” een zeker charisma hebben of de “sierkunst” verstaan, maar alle rust proberen te verstoren.  Hun narcisme maakt dat ze de wierook hun kant op laten walmen; altijd hebben anderen het gedaan, behalve als er successen zijn. Ze kunnen mateloos zijn bij het nemen van risico’s. Het zijn ook wegkijkers; zoals de ‘eigenaar’ in de reactie d.d. 30 augustus 2018 laat merken. Met de aanstelling van een nieuwe medewerkster, midden veertig, wordt duidelijk dat “de overweldigers” hun dominantie vestigen wanneer anderen er niet in slagen hun machtsversterking te voorkomen of met succes te weerstaan.

Er zijn mensen die mij langer kennen, maar ook pas sinds kort kennen, in wie ik (meermaals) vertrouwen heb verwekt. Doordat de aanstaande bruid vaststelt/constateert hoe mijn tienerdochter, inmiddels 23, en haar (inmiddels) 24 jarige vriend door de crisis zijn gekomen, wekt dit haar vertrouwen. 26 april 2019 maakt zij mij dit bekend. Sterker, dit maakt zij 14 februari 2019 al bekend, al is het mij niet duidelijk wat zij precies verwacht, wenst of wil. Het aangaan van een relatie of vertrouwensband tussen beroepskracht en burger – social return en integriteitsbeleid – is immers riskant. Ik heb risico’s en kansen goed moeten overwegen, ook gezien haar rechten en belangen en die van haar twee jonge kinderen, en ging ‘pas’ 15 april 2015 op mijn knieën. Er hoeft niets te worden gezegd!

Erkend leerschool ?

“Verbale vaardigheden” zijn voldoende zoals in 1 Petrus 3 aangegeven: de taal van de liefde – staat van het huwelijk – is ons bekend. Elke keer van ontmoeten was er die (innerlijke) verbinding, geborgenheid en rust. Al durft zij mij de tent uit te vegen wanneer ik ‘de kleintjes’ iets onrechtmatigs aandoe. Zij vraagt mij de leiding te nemen, maar tegenmacht ontbreekt niet! 
De relatie tussen Elisa en Lambert is gezond; de relatie tussen de teamleider en personeel op de inloop niet (noodzakelijk). Dit was vanaf het begin en is sinds een laatste cliëntervaringsonderzoek niet veranderd. Het Dienstencentrum is een erkende leerschool voor “Social Worker” en moet wel een gezonde leeromgeving zijn voor jonge talenten.

Toezicht op uitvoering van de Wmo-taken en op naleving van de afspraken die gemaakt zijn over de te leveren kwaliteit is niet alleen wenselijk maar ook van wezenlijk belang. Zo geeft een toezichthouder aan dat de ‘eigenaar’ een dissident was of het beroep van “Social Worker” te schande maakte door slechte uitoefening daarvan, ook biedt hij ruimte aan  destructief leiderschap
Een gezonde toekomst voor iedereen zonder ondermijnende praktijken (die domineren of de praktijk vestigen). Burgers bepalen of de kwaliteit van dienstverlening wel of niet goed is. Gemeenten zijn integraal verantwoordelijk voor de kwaliteit van de maatschappelijke ondersteuning en voor het toezicht daarop. Zij vinden dan ook  democratische legitimatie in het transparante artikel  Kwaliteitsbeleid in de Wmo en het biedt dus ruimte voor een  Traineeship (starter functies en HBO & WO vacatures) binnen het Sociale Domein. Vanuit de rechtsstaatgedachte is willekeur te voorkomen en zijn rechtszekerheid en rechtsgelijkheid te bevorderen.

Visie

Steeds duidelijker wordt het beeld en daarmee kan de staat waarvan beleid en handelen wordt onderzocht beleidsvorming verbeteren, goede voorbeelden navolgen en vastgestelde normen en beginselen navolgen. Vanuit een systeembenadering wordt elk type leiderschap, dus ook van dienend en ambidexter (oud en nieuw), gevormd door de wisselwerking tussen de motivatie en de competentie van een individu om te leiden, de behoefte aan richting en autoriteit van ondergeschikten en de problematische situatie die om leiding vraagt.

Afhankelijk van de (sub)cultuur en de staat of toestand wordt aanpassing of een type leiderschap gevraagd. De burger, trainee of cliënt, creëert of stimuleert een lerende omgeving. Het beleidsdocument van de gemeente Rotterdam (inkoop- en aanbesteding) is transparant en stelt dat dienstverleners al haar leden in staat stelt de dienstverlening aan te passen aan een voortdurend veranderende omgeving door scholing, ontwikkeling en initiatief te stimuleren. Wel zodanig dat de rechten en beginselen die o.a. zijn opgesomd in het Europees Sociaal Handvest daadwerkelijk kunnen worden verwezenlijkt.

Sociale, maatschappelijke en rechtsstatelijke aspecten

Er zijn ook rechtsstatelijke aspecten van mensenrechten die tot het concept rechtsstaat behoren. Of hieraan wordt voldaan wordt getoetst door actieve participatie van de rechter. Dit wordt gerealiseerd doordat de Teamleider dwars blijft liggen en mr. Advocaat “strikt juridisch gezien” de oplossing denkt te hebben. De overtreding wordt toch wel begaan, dus tijd en moeite verspillen, heeft geen nut en dient ook geen doel.

Het OTVEM is geen toverstokje, maar nu een hulpmiddel om de beslissingskloof snel te overbruggen. Tijd is een factor, maar huisuitzetting brengt het project, de processen en werkzaamheden, ook doelen en opdrachten, niet noodzakelijk (verder) in gevaar. 
De vorige bestuurder had geen trek in de complexere ROL, maar de Teamleider denkt – lees: vindt – de cliënt van zelfregie te moeten onteigenen en de complexe ROL met de regie door de veel jongere begeleidster uit te moeten laten voeren. De burger (cliënt) is een competent manager, zij (nog) niet. Hoe tegendraads kan iemand zijn!

Na 5 jaar  Kwaliteitsbeleid in de Wmo (maar niet heus) en meer dan 10 miljoen aan overheidssubsidie te hebben ontvangen blijft de Aanbieder tegendraads? Niet alleen is het Recht van ouderen op sociale bescherming in het geding, ook van jongeren (en de beroepskracht). Het brengt de toekomst van de samenleving – fundamentele maatschappelijke eenheden – in gevaar en dus van de staat. Die zorg of het scheppen van de noodzakelijke voorwaarden, wil de (vorige) bedrijfsleiding niet (daadwerkelijk) op zich nemen. De huidige directeur-bestuurder geeft ook “Zoiets” aan. 

Duidelijk is dat ik, de heer L. Speelman, een ‘licence to speak’ heb, als toezichthouder en handhaver waarin speurzin en diplomatie samenkomen, en die andere en medetoezichthouders vrijmoedig lastige vragen durft te stellen. Goede toezichthouders zijn geen opponent van de leider, nemen diens plaats niet in, maar sturen bij en grijpen in (bij voorkeur) nog voordat de ontsporing een feit is. Goede toezichthouders zijn niet ‘gesuikerd,’ durven de confrontatie aan te gaan en wijken niet wanneer de situatie daarom vraagt (loyaal aan organisatie en geen gebrek aan moed).

Zij zijn ‘de’ Zorgprofessionals!