Op 30 september 2016 schreef ik het volgende aan Hugo de Jonge, toen wethouder te Rotterdam:

Voortgezet Onderwijs

Geachte heer de Jonge,

In het afgelopen jaar zijn mij in het voortgezet onderwijs maar ook in het basisonderwijs een aantal zaken opgevallen.

– In het recente verleden heeft mijn dochter wegens studieproblemen ‘hulp’ gehad van maatschappelijk werk, mede op aandringen en inmengen van destijds mijn vrouw. Dat er bepaalde zaken speelden daarvan werd ik niet op de hoogte gebracht, maar de waarheid achterhaald altijd de leugen ….

een respectloze/eerloze behandeling

 In het kort: regelmatig werd mijn dochter uit de les gehaald voor besprekingen waardoor mijn dochter nog meer verstoord werd in haar studie. Het leidde wel tot een leerzame les van hoe maatschappelijke hulpverlening de studie verder verstoord! Helaas zie ik in de werkwijze van de maatschappelijke hulpverlening nog geen verbetering. Daarnaast heb ik gezien hoe alleenstaande ouders op onjuiste wijze worden geoordeeld en behandeld. 

– In het afgelopen voorjaar van 2016 heb ik een aantal lessen meegedraaid als vrijwilliger op een Technasium aan het Libanon College. Triest wat ik moest ervaren! Om aan financiën te komen worden de ideeën van leerlingen gestolen en aan investeerders verkocht. – Heel kort door de bocht genomen, maar daar komt het wel op neer. 
 Daarnaast heb ik geen leraar kunnen ontdekken in de hoedanigheid van meester. De leerlingen worden aan hun lot overgelaten en de potentie die aanwezig is wordt onderschat, ontkent en niet op juiste wijze geprikkeld als gevolg van een onjuist beoordelingsvermogen en verkeerde inschatting van het individu. 
 Waarom ik dit durf te zeggen? Als onderofficier en in andere situaties heb ik met diverse teams kunnen bereiken wat volgens de experts niet denkbaar en daarom onmogelijk zou zijn. 

– Studenten die de opleiding Klasse-assistent volgen versus studenten aan de PABO. Uit eigen ervaring is mij gebleken dat een klasse-assistent veelal zijn/haar didactische vaardigheden heeft ontwikkeld door de eigen praktijk en daardoor veelal beter in staat is de leerling persoonlijk te benaderen dan degene die via een meer theoretische leerweg een leerling volgens een geprogrammeerde methode te laten werken met als gevolg dat leerlingen al in het basisonderwijs hindernissen ondervinden in hun ontwikkeling. Dat deze hindernissen er zijn is geen probleem op zich, het kan iemand sterker maken en voorbereiden op zijn/haar toekomst, maar dat de visie van een leraar en maatschappelijk werkers ontoereikend is om hierop in te spelen getuigd van ondeskundigheid en is schadelijk voor de toekomst van de Nederlandse maatschappij. Het toenemend aantal personen met psychische gezondheidsklachten zegt genoeg. 

Wanneer wij ons richten op de toekomst van bedrijven en hun wensen en wij onderkennen en negeren de mogelijkheden die er bij de leerlingen aanwezig zijn dan blijven wij de Nederlandse maatschappij en economie frustreren. Voortborduren op psychosociale kennis van meer dan dertig jaar geleden die ook nog eens onjuist blijkt te zijn zorgt er voor dat wij blijvend met hoge jeugdwerkloosheid blijven kampen. Andere marktinzichten zijn nodig om anders te gaan doen. Graag denk ik mee over de groei, want de economie kan eenvoudig met enkele procenten aantrekken.